libnetwerk
Op 28 november 2009 hield de VVD haar najaarsvergadering in Papendal. Traditiegetrouw werd de bijeenkomst besloten met een speech van de politiekleider, Mark Rutte dus. Hij verweet het kabinet en de Kamer zich te veel met onbelangrijke details zoals koopzondagen, rookverbod bezig te houden in plaats van zich intensiever om het economische beleid te bekommeren ondanks het feit dat de staatsschuld en de werkeloosheid om hoog schieten en de rechtstaat onder druk staat. Onder meer daardoor zou de kiezer steeds meer het vertrouwen in de politiek verliezen. De VVD wil de ogen vooral op de bal houden. Een loffelijk streven. Natuurlijk heeft dit kabinet op grond van haar besluiteloosheid en zwalkend beleid wel heel weinig steun bij de kiezer zoals alle opiniepeilingen week voor week aantonen. Echter, is dit de werkelijke reden voor het toenemend vertrouwensverlies in de politiek bij burger.
De opkomst van de beweging rond Pim Fortuyn toonde voor het eerst massaal de onvrede en het gebrek aan vertrouwen in de (heersende) politiek. Dit ligt bij de eerst volgende Kamerverkiezingen reeds 10 jaren terug! De financiële en economische crisis is 'slechts' een jaar oud. Daarin kan het dus niet zitten. De huidige crisis heeft slechts een aantal anomalieën als gevolg van de door de paarse kabinetten ingezette privatisering van overheidstaken en het op afstand zetten van onderdelen van het openbaar bestuur in een stroomversnelling zichtbaar gemaakt. Het echec van de door bepaalde politieke stromingen aanbeden multiculturele samenleving en als gevolg daarvan een fout immigratie- en integratiebeleid, deed en doet een overige.
Niet alleen in tijden van crisis is een bovengemiddeld inzetten van externe interim managers door overheden en instanties die overheidstaken uitvoeren tegen exorbitante vergoedingen, onaanvaardbaar. Vaak circuleren dan ook vooral nog eens mensen met politiek en ambtelijk verleden in dit wereldje. Of het nu zorginstellingen zijn of gemeenten en woningbouwcorporaties, enz. Men krijgt bijna de indruk dat de Boer en Kroon's, Royal Haskoning's, Gudde en Twijnstra's en talloze kleine adviesbureaus Nederland bestuurlijk op de been moeten houden en dat bij een bestand van 750.000 medewerkers bij alleen al overheden. Hoever is een land bestuurlijk en politiek gezonken, indien een hoofdcommissaris van politie zich via haar eigen adviesbureau à raison €1.400 per dag kan laten inhuren als tijdelijk korpschef van een kleine regio? Het zelfde geldt voor een externe luchtkwaliteitadviseur van een gemeente jarenlang €350.000 kan declareren en dat die zelfde gemeente meer dan 110 communicatiemedewerkers op de loonlijst heeft staan en de burgemeester toch nog tegen vergoeding een reeds gedrukt huis aan huis blad ongestraft uit de markt kan laten nemen.
De afgelopen week gaf de VVD zelf een slecht voorbeeld: de VVD Commissaris van de Koningin Fransen benoemde de zichzelf voor ieder openbaar ambt gediskwalificeerde hebbende oud-burgemeester van Den Helder als waarnemend burgemeester van Ridderkerk. Weliswaar is dit primair een zaak van de Commissaris, het getuigt echter van misachting voor het gevoel in de geloofwaardigheid van de politiek zoals de gemiddelde burger dit ervaart.
In deze zaken ligt de eigenlijke kern voor het vertrouwensverlies in politiek en overheid van vele burgers.
De oorzaken van dit vertrouwensverlies dragen ook tot een verharding in de maatschappij bij en verzwakken gelijktijdig de vaak aangesproken sociale cohesie die als logische consequentie ook onder druk staat. De kiezer zoekt, relatief wanhopig naar leiderschap. Een deel van het electoraat zoekt juist daarom zijn heil bij de PVV in de vage hoop, dat deze partij een tegengewicht kan vormen tegen de heersende politieke klasse en haar talloze democratie uithollende satellieten in de vorm van militante activistische organisaties die eufemistisch tot het maatschappelijk middenveld worden gerekend en veelal van directe of indirecte overheidssubsidies afhankelijk zijn. D'66, dat de polarisatie met de PVV zoekt en daarvan virtueel electoraal van profiteert, heeft een ding met de PVV gemeen: de beide boegbeelden blinken niet uit in oplossingsgerichte bijdragen aan het inhoudelijke politieke debat in de Tweede Kamer.
Virtueel stabiliseert zich de VVD enigszins in de peilingen. De uitgangspositie voor de aanstaande gemeenteraadsverkiezingen is niet ongunstig. Echter, nu geldt het voor deze partij in de aanloop naar de eerstvolgende Kamerverkiezingen, enerzijds een overtuigend alternatief voor het onbeleid van de huidige coalitie te ontwikkelen en anderzijds zonder de waan van de emotionele incontinentie op de oorzaken van het vertrouwensverlies bij een substantieel deel van het electoraat in te gaan.
Economie Burgerrechten Klimaathysterie Immigratie Onderwijs Hervorming Staatsbestel Democratisering Europa