Nieuwsbrief



Integratie, dubbele nationaliteit en loyaliteit, islamisering van Europa en de religie in de politiek anno 2009

4 jan 2009 | Dhr. Joop Oldenbroek

Integratie

Integratie is nog steeds het toverwoord in de Nederlandse politiek. Ondanks het inzicht van de PVV dat zich mevrouw Ploumen en haar PvdA zich onlangs eigen gemaakt hebben, integratie is niet de kern van het probleem, in feite bestaat integratie niet. De moeilijkheden die wij met Marokkaanse jongeren kennen, zijn identiek aan die met Antilliaanse jongeren en ook aan die met autochtone jongeren (en ouderen). In de VS kent men soort gelijke problemen met verschillende etnische groepen, evenals Duitsland. Dit probleem met de Islam in verbinding te brengen is niet juist. Dit is een sociaal probleem dat met een zeer laag opleidingsniveau (vooral van de ouders) en de daaruit voortvloeiende relatieve armoede in verband staat. De concentratie van deze groepen in bepaalde wijken, versterkt het negatieve effect in de vorm van extreme overlast nog eens. Segregatie is mogelijk de prijs die er betaald moet worden als een van de gevolgen van een niet selectief immigratiebeleid. De oplossingen zijn complex en vergen veel tijd. Een duidelijke en selectieve immigratieregeling naar Canadees of Australisch voorbeeld kan helpen om dit probleem in te dammen. Een effectief immigratiebeleid kan uiteindelijk alleen op het niveau van de EU gestalte krijgen nu de binnengrenzen sinds Schengen open zijn. Overigens de V.S. kennen het begrip integratie nauwelijks, daar spreekt men meer van assimilatie. Assimilatie is feitelijk de overtreffende trap van integratie. In de V.S. betekent het de Amerikaanse samenleving zonder maar en mits te omarmen, te beginnen met de taal gevolgd door opleiding en vervolgens participeren en hierbij de vertrouwde gesegregeerde omgeving los laten (niet verloochenen). En dit op eigen kracht. In dit opzicht is het toenemende aantal immigranten dat in ons succesvol hoger onderwijs geniet, een positief signaal. 

Dubbele nationaliteit

Sinds meer dan elf jaar hebben we wetgeving en nemen deel aan een internationaal verdrag ter vermijding van een dubbele nationaliteit. Toch verdrievoudigde in de afgelopen elf jaar het aantal Nederlanders met een dubbele nationaliteit. Ploumen wil nu ook dat we daaraan wat gaan doen. Echter, het is wel gratuit. Een Marokkaan kan eenvoudig weg zijn nationaliteit niet opgeven, zijn overheid accepteert het dom weg niet. Onze Turkse medelanders kunnen het wel, zij het, dat zij bij voorbeeld in erfenis aangelegenheden als niet Turk in dit opzicht praktisch geen rechten meer voor de Turkse wet hebben. Bestaande wetten duidelijk handhaven zoals we dat wel doen bij Nederlanders in het buitenland wier kinderen op de leeftijd van 18 jaar moeten kiezen voor het Nederlanderschap bij gelijktijdige opgave van een eventuele tweede nationaliteit, veelal door middel van een der ouders (ius sanguinis) verkregen of automatisch door het land van geboorte (ius soli).

Loyaliteit en islamisering

Dubbele nationaliteit betekent niet automatisch ook dubbele loyaliteit. Dit laatste hangt veel meer samen met de culturele identiteit en de wijze in hoeverre men bij voorbeeld vanuit zijn religie, de mores van het nieuwe vaderland aanvaardt. In Groot Brittannië waar de overheid inmiddels talloze ambtenaren op vrijwel alle niveaus kent, zien wij het aantal incidenten de laatste tijd sterk toenemen. Veelal gaat het hier om frustratie van handhaving en de rechtsgang bij eerwraakzaken, uitzetting, immigratieprocedures, gedwongen huwelijken en besnijdenis van meisjes. Maar ook vermeende discriminatie met name bij de politie en (illegale) toepassing van de sharia bij echtscheiding en erfeniszaken of begunstiging van leden van de zelfde etnische oorsprong bij ordinaire criminele vergrijpen. Vaak gaat dit samen met enorme druk op de betreffende ambtenaar vanuit zijn omgeving tot aan bedreiging toe. Het gaat hierbij niet om slechts enkele incidenten.

Het is in het Verenigd Koninkrijk, net als bij ons, bijna traditie geworden, aanhangers van de islam en andere geloofsrichtingen vergaand te gemoed te komen deels onder opgave van eigen normen en waarden en zelfs rechtsprincipes. Dit bereikte een hoogte punt toen dit voorjaar de aartsbisschop van Canterbury, de geestelijk leider van de staatskerk, de formele toepassing van delen de sharia publiekelijk ter discussie stelde. Dit is vergelijkbaar met de uitlatingen van de burgemeester van een grote stad in ons land van gelijke strekking.

Hier zitten mevrouw Ploumen en de PvdA in een onmogelijke spagaat. Deelraadvoorzitter Marcouch van Slotervaart die een zekere Yusuf Al Qaradawi als zijn geestelijk leider beschouwt. Deze man is een belangrijke geestelijk adviseur van de Egyptische moslim broederschap en persona non grata in onder meer Engeland en bekend om zijn haatzaaiende antisemitische uitspraken. De heer Marcouch zet zich onder meer af tegen Koranschool en wil gelijktijdig koranles op de openbare scholen invoeren en dat zeker in de zin van zijn geestelijk leider. Het overkoepelend orgaan van islamscholen, ISBO, meldde onlangs, dat een reis naar Mekka een educatief doel dient en daarom voor overheidssubsidie in aanmerking moet komen.

Een ander in de Nederlandse pers nauwelijks kritisch becommentarieerd feit is de door de gesubsidieerde Stichting Platform Islamitische Organisaties Rijnmond (SPIOR) en de Gemeente Rotterdam in 8 talen en in samenwerking met de in Rotterdam lerende hoogleraar Tariq Ramadan uitgegeven brochure "Hand in Hand tegen Huwelijksdwang". De stichting organiseerde in verschillende Europese landen een presentatie van deze brochure. De bekende sociologe van Turkse herkomst, Necla Kelek, schreef hierover een uitvoerig artikel in de Frankfurter Allgemeine Zeitung van 29 juli 2008. Doel van deze brochure is het moslim vrouwen een leidraad tegen het gedwongen huwelijk aan de hand te geven en zo de instroom bij onder andere vrouwenhuizen te beperken. Ramadan geeft van verassende inzichten blijk: bij zijn argumentatie gaat ervan uit, dat de woorden van Allah en de daden van de Profeet feilloos zijn. Alleen de mens maakt soms fouten. Door deze argumentatie blijft de Islam gevrijwaard van de misdaden uit zijn begaan.

Niet in naam van de islam

Gedwongen huwelijken zouden geen probleem van de islam zijn, maar van de cultuur. Dit onderscheid tussen cultuur en religie moet de religie behoeden voor openlijke verantwoording en voor kritische zelfreflectie. Ramadan en anderen argumenteren dat de woorden van Allah en de daden van de profeet feilloos zijn, en dat enkel de mens soms fouten maakt. Op die manier blijft de islam verschoond van de misdaden begaan in zijn naam.
Het besef dat religie en cultuur samen een "cultureel systeem" vormen, en dat men ze niet als van elkaar gescheiden kan zien, wordt hier, hoe absurd ook, juist door moslims ontkend terwijl zij tegelijkertijd de scheiding van religie en dagelijks leven, van religie en politiek afwijzen.

Het centrale koranvers met betrekking tot het huwelijk, "Huw de vrijgezellen uit", Sura 24, vers 32, ontbreekt bij deze argumentatie. Daar staat namelijk niet "Vrijgezellen, treed in het huwelijk" - hetgeen zou betekenen dat mensen zelfstandig het recht bezaten om een huwelijk te sluiten -, maar met de uitspraak "Huw de vrijgezellen uit" wordt de huwelijkssluiting zaak van de familie en de gemeenschap.

Lof op de grootfamilie

Interessant is het, hoe Ramadan en zijn aanhangers het begrip familie definiëren. Er wordt niet het kerngezin bedoeld, bestaande uit moeder, vader en kinderen, maar de grootfamilie, de stam. Zo ontstaat uit de gemeenschap der moslims, de umma, een familiecultuur. In de brochure staat het zo te lezen: "In een familiecultuur is de familie belangrijker dan het individu. De familie vormt de eenheid, en wordt aldus door de andere families uit de sociale omgeving als een volwaardig en gelijkwaardig geheel erkend (...). Ieder individu dient in het belang van de familie te handelen." Is dat niet het geval, dan wordt eer der familie gekwetst: "In de groep is de eer een gemeenschappelijk bezit, waar alle familieleden verantwoordelijkheid voor dragen, ongeacht hoe de hiërarchie binnen de familie is geregeld."
Ramadan en zijn leerlingen pogen aan de grondrechten en de waarden van de Europese burgerlijke maatschappij een andere draai te geven. Zij ontzeggen aan het individu het zelfbeschikkingsrecht, definiëren de mens als gemeenschapswezen en niet als individu, bepleiten het systeem van de "schaamtemaatschappij", met inbegrip van een funeste interpretatie van de notie eer. Nergens in het boekje wordt aan het individu de vrijheid gelaten om zelf te beslissen of hij wil huwen of niet. "De familie vormt de kern van islamitische gemeenschap, en het huwelijk is in de islam de enig toegestane vorm waarin een familie kan gesticht worden." Het beleven van de eigen seksualiteit is niet geoorloofd.

Een soort islamitisch huwelijksadvies

Tariq Ramadan zei in Rotterdam onder andere: "Vrijheid is niet die vrijheid, die anderen van ons willen." Wat hij bedoelt is: ieder beschikt over zijn eigen vrijheid, aan gene zijde van de wet. - Een interessante variant, om de sharia als vrijheid te bestempelen. Hij wil het ook niet meer over integratie hebben, want de moslims zijn wat hem betreft een deel van de multiculturele samenleving, in welke alle religies én hun denkbeelden gelijk zijn, en wier eigen regels aanvaard dienen te worden. Dat echter de Europese samenleving de grondrechten van het individu desnoods beschermt tegen elke groep, religie of zelfs tegen de Staat, wordt naar best vermogen over het hoofd gezien.
Op die manier wordt onder het motto "Tegen het dwanghuwelijk" eenvoudigweg aan islamitisch huwelijksadvies gedaan. Daarbij wordt uitdrukkelijk het gearrangeerde huwelijk als model aangeprezen, ook al erkent men dat dwang daar vaak bij te pas komt. "Een huwelijk is bijgevolg altijd een verbond tussen twee familiegroepen (...). Omdat een huwelijk een verbond tussen families is, zoeken de families die partners uit, die het beste bij elkaar passen, precies ook met het oog op een zo goed mogelijk verbond tussen de families." Tegen gemengde huwelijken wordt gewaarschuwd: "Een moslimjongen kan weliswaar een christelijk meisje huwen, maar een moslimmeisje mag niet huwen met een christelijke jongen."

Tariq Ramadan wordt door de multiculturele kerk gevierd als een pionier voor een Europese islam. Nota bene, dergelijk omstreden gedachten goed wordt wel uit belastingmiddelen gefinancierd en ook nog eens naar het buitenland geëxporteerd. Inderdaad een kerntaak voor een regionaal platform! 

Wilders en zijn waarschuwingen voor de islamisering van Europa

Met zijn film Fitna bracht ons Wilders een voorlopig hoogtepunt in zijn strijd tegen de sluipende islamisering van Europa. De bovengenoemde voorbeelden tonen aan, dat Wilders zonder meer een punt heeft. Indien dit zo verder voortschrijdt, kan dit op den duur een ontwrichtende uitwerking op onze samenleving hebben. Hierbij moeten we ook het geweldpotentieel met name onder de jongere moslims niet buiten acht laten. Hier geeft een door het Duitse ministerie van Binnenlandse Zaken op 20 december 2007 gepubliceerde wetenschappelijke studie een aantal aanknopingspunten. Hiertoe werden 3.500 moslim jongeren in Duitsland ondervraagd. Een kwart was bereid geweld tegen anders gelovigen toe te passen. Zelfs 6% hadden een uitgesproken affiniteit met geweld. Verder waren 40% duidelijk fundamentalistisch georiënteerd in hun religie. 16 % staan op voet van oorlog met onze rechtstatelijke principes en hebben een problematische distantie tot democratie. Van de ondervraagden beschikte 40% over een Duitse pas (Duitsland is relatief veel terughoudender bij de naturalisatie van immigranten dan Nederland). Ook was er geen verschil in antwoorden tussen lager en hoog opgeleiden. De Duitse minister van BZ maakt zich dan ook ernstig zorgen over het aanwezige geweldpotentieel onder deze jongeren. Het is niet aannemelijk dat in ons land deze verhoudingen noemenswaardig anders liggen. Zij die op deze toestanden wijzen, worden ten onrechte als islamophoben of nog erger afgestempeld.

Dit betekent niet, dat men met de bij ons levende moslims niet in dialoog moet treden. Echter, wij hebben wel het recht hen met nadruk op het hier geldende maatschappelijke kader te wijzen verbonden met al zijn voor- en nadelen. Indien wij niet snel in dit opzicht duidelijkheid verschaffen, leidt dit onherroepelijk tot grote maatschappelijke spanningen die politiek nauwelijks of niet beheersbaar blijken te zijn. We moeten maar eens nadrukkelijk vragen of onze moslim medeburgers zich ervan bewust zijn wat zij zouden verliezen indien zij in hun land van herkomst voor de rest van hun leven zouden moeten verblijven.

Religie en de politiek

In Nederland zien wij mede door de intrede van de Christen Unie in de regering een godsdienstig geïnspireerde invloed in het beleid duidelijk toenemen. Ook in het algemene politieke debat spelen aan religie gerelateerde argumenten een toenemende rol. Globaal gezien zijn kerkleiders aanzienlijk minder terughoudend en mengen zich met forse uitspraken in het maatschappelijk debat. Zoals de paus in zijn kerstboodschap de wereld gered wil zien van homosexualiteit of de leider van de Duitse protestanten met name de bestuursvoorzitter van de grootste Duitse bank aanviel in verband met de kredietcrisis. In Obama's verkiezingscampagne speelde religie eveneens een grote rol.

Over de macht die de toenmalige paus Johannes Paul II bij het opzij zetten van het communistisch regime in Polen ging de wereld snel voorbij. Ook het beslissende verzet tegen het Oostduitse regime ging van een protestantse kerk in Leipzig uit.

Ook de macht georiënteerde rol die de orthodoxe kerk in het huidige Rusland speelt, is niet te overzien. De hardliner Poetin houdt hier terdege rekening mee.

De op kerstavond overleden wereldberoemde politoloog Samuel Huntington heeft in zijn in 1996 verschenen boek "The clash of civilisations" uitvoerig zijn these over de toekomstige spanningen in de wereld beschreven als zijn antwoord op de theorie van zijn collega Fukuyama, die inmiddels al door de werkelijkheid achterhaald is. In zijn jongste werk uit 2004 met de titel "Who are we?" brengt hij meesterlijk de rol van verschillende grote culturen en religies definitief terug in het politieke debat. Huntington vertegenwoordigt onder meer de stelling dat sommige culturen en religies niet integreerbaar zijn. In de Verlichting enerzijds en in het Materialisme anderzijds, werd de religie tot een te verwaarlozen grootte verklaard. Nu tegenstrijdige grote ideologiën weggevallen zijn, zien wij de wereldpolitiek echter niet vredig voor zich heen dompelen zoals Fukuyama dat meende. We zullen nog lang over Huntington moeten spreken bij de oplossingen die de terugkeer van de invloed van de grote culturen en religie in het wereldpolitieke debat zullen gaan spelen.

Wat wordt de standtijd van het kabinet VVD/CDA met gedoogsteun van PVV?